Welkom bij de Odd Fellows Heerenveen vriendschap liefde waarheid

odd fellows schakel mensen header

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 

Bouwsteen Rinse van der Schoot (JWF) voor districtszitting in Heerenveen

Mijn bouwsteen gaat over de relatie tussen Odd Fellows en democratie. Dat is nogal een onderwerp, en u wilt vanavond ook nog een keer naar huis, dus ga ik het onderwerp inperken. Ik wil het vanavond met u hebben over waar Odd Fellows voor staan, ik wil kritisch met u kijken naar het hedendaagse democratisch proces, en naar raakvlakken tussen die beide velden.

Om te beginnen neem ik u op deze districtszitting mee naar de thematiek, die centraal gestaan heeft tijdens de Middeneuropese Kampementsontmoeting, welke op 20 en 21 september jl in Neurenberg plaatsvond. Het thema was omschreven als “Menschen Halt geben” (mensen ondersteuning/houvast bieden) en richtte zich op de vraag op welke manier de Orde iets kan betekenen in het leven van mensen. Dit is ook in Nederland een actueel thema. Op zoek naar manieren om op een kansrijke manier leden te werven zijn ook wij met die vragen bezig, en wordt dat gekoppeld aan de vraag hoe wij de Orde en onze loges aantrekkelijker kunnen maken voor potentiële kandidaat-leden.

Ik zal hier geen verslag uitbrengen van de Kampementsontmoeting, dat kan beter in het Erasmuskampement, maar ik zal proberen in het kader van de doelstelling van het kampement de daar opgedane inzichten met mijn Friese logebroederen te delen.

Ik begin met een samenvatting van de inleiding over het thema, zoals die door de Duitse Grootmeester broeder Ernst Schȗtz naar voren is gebracht. Daarin vroeg hij ondermeer aandacht voor de veranderingen in de  waardenbeleving van burgers. In zijn inleiding vertrekt broeder Schȗtz vanuit de constatering dat we leven in een wereld vol persoonlijke en sociale vrijheid. We kunnen (bijna) alles doen en laten wat we willen. We hebben nog nooit zoveel geld gehad en we hebben een ongelooflijk aantal technische mogelijkheden tot onze beschikking. 

We kunnen alles en we hoeven niets - en toch zijn we niet tevreden.

Mensen denken dat deze leegte kan worden gecompenseerd door consumptie. En dus kopen en kopen en kopen ze - en stellen dan vast dat hun ziel steeds hongeriger wordt. Ze begrijpen niet hoe dat komt, ze realiseren zich niet dat deze aankopen slechts tijdelijke bevrediging op kunnen leveren, en dus is het resultaat dat mensen nu lijken te zijn geworden tot een stelletje zeurkousen - mensen die klagen over alles en met niets tevreden zijn.

Sociologen en filosofen signaleren ook dat veel jongeren vandaag de dag als een kip zonder kop door de wereld lopen - zonder perspectief. Je ziet het in de groei van de consumptiewoede, de toename van de jeugdcriminaliteit, aan de toenemende behoefte het eigen recht op te eisen, aan de steeds korter wordende lontjes. Ik kan doen wat ik wil.

Wij hebben er allerlei namen voor: zelfrealisatie, ellebogenmentaliteit, maar ook doelloosheid, desoriëntatie, radeloosheid.

Veel jongeren zien geen perspectieven omdat ze geen grenzen zien.

En de ouderen, degenen die al een gezin en carrière hebben weten ook niet wat ze met hun vrije tijd zullen doen. Wat wordt hun aangeboden? Televisie, sportprogramma’s, verstrooiing.

De mensen vinden dat ze iets missen. Ze willen af van de vrijblijvendheid, af van het "doet er niet toe", weg van het "we zien wel". Ze zoeken een binding - ze willen vaste referentie-waarden, ze willen houvast. Ze zoeken weer verantwoordelijkheid. Ze zoeken waardevolle sociale relaties, zij zoeken betrouwbaarheid en compassie, ze zijn op zoek naar de ervaring van de "ouderen".  Ze zoeken geborgenheid. Ze zoeken de schat die hen innerlijk houvast geeft.

200 jaar geleden waren het de financiële en medische problemen, die mensen bij elkaar bracht .

Nu is het de maatschappelijke behoefte, de emotionele vereenzaming die de mensen er toe brengt op zoek te gaan naar referentiepunten en vaste waarden. Juist jongeren voelen de eenzaamheid duidelijk omdat hun manier van leven niet zo ingekaderd is als die van de ouderen. Zij voelen veel duidelijker dat de verleidingen die de reclame over hen uit stort slechts kortdurende vervangende bevrediging kan opleveren.

We consumeren niet meer om ons geluk te verhogen - we consumeren om een ongelukkig gevoel te vermijden dat dreigt als zou blijken dat anderen meer kunnen laten zien dan wij hebben.

Wie in het leven en op latere leeftijd niet alleen wil zijn of niet alleen gelaten wil zijn die heeft vrienden nodig. Dit is een belangrijke duurzame investering in de toekomst.

Het wordt noodzakelijk om naast en in aanvulling op het werk een morele component te ontwikkelen die voldoening brengt en opweegt tegen de stress van het beroep.

Het is als een tweede pijler en creëert een nieuw evenwicht.

Vrijheid heeft een kader nodig. Een kader dat bestaat uit inhoud, interesse in de ander, verantwoordelijkheid en verantwoording .

Wij Odd Fellows voelen ons thuis op deze terreinen en hebben er de kennis van. Wij bevorderen en koesteren waarden van de vriendschap en de liefde. We zijn het gewend om ons te verdiepen in de inhoud van het leven en de kwaliteit ervan. Onze loges bieden ondersteuning. Houvast voor mensen die op zoek zijn naar de zin van het leven.

Tot zover de Duitse Grootmeester broeder Ernst Schȗtz. 

Zoals ik al eerder aangaf is er een verband te leggen met het functioneren van het democratisch proces en de manier waarop dat beleefd wordt. Het democratisch proces van nu is niet te vergelijken met dat van pakweg 20 jaar geleden, onder meer als gevolg van de ontzuiling die de politieke structuur drastisch heeft veranderd. Volksstammen kiezers zijn op drift geraakt. Het democratisch proces wordt nauwelijks meer als een weldaad ervaren. Inhoud heeft het in de ratrace tussen journalistiek (gericht op zoveel mogelijk primeurs) en politici (die zo vaak mogelijk positief in het nieuws willen komen) afgelegd tegen de mannetjes cq vrouwtjesmakerij. En wij kunnen alles in real time volgen via het internet. En de overheid dringt steeds vaker ons private domein binnen, en ook het publoeke domein. Soms lijkt het alsof de ledenwervingsactiviteiten van Odd Fellows een massief succes hebben; ons Alziend Oog lijkt bezig de samenleving te veroveren. Bij nadere beschouwing blijkt het dan toch weer de overheid te zijn, die ons met camera’s overal observeert.

Eén van de mooie neveneffecten van internet is dat het nieuwe kansen biedt voor nieuwe tot nu toe onbekende media, zoals De Correspondent. De Correspondent is een dagelijks, advertentievrij medium op het internet. Zoals ze zelf zeggen: door het nieuws in een breder perspectief of in een ander licht te plaatsen, willen zij het begrip 'actualiteit' herdefiniëren: niet om de aandacht te trekken, maar om inzicht te bieden in hoe de wereld werkt. In De Correspondent is onder meer veel aandacht voor de achtergronden van het hedendaagse democratisch proces.

In het onlangs verschenen artikel “Democratie? Leuk, maar niet hoe het nu gaat” gaat David van Reybrouck in op verschillende aspecten van de hedendaagse democratie.

Democratie, aristocratie, oligarchie, dictatuur, despotisme, totalitarisme, absolutisme, anarchie: elk politiek stelsel moet een evenwicht zien te vinden tussen twee fundamentele criteria: efficiëntie en legitimiteit. Efficiëntie gaat over de vraag: hoe snel kan een overheid succesvolle oplossingen vinden voor de problemen die zich voordoen? Legitimiteit gaat over de vraag: hoezeer kunnen inwoners zich vinden in die oplossingen? In hoeverre erkennen zij het gezag van de overheid? Efficiëntie gaat over daadkracht, legitimiteit over draagvlak. De twee criteria zijn doorgaans omgekeerd evenredig aan elkaar: een dictatuur is ongetwijfeld de meest efficiënte vorm van regeren (één persoon beslist, en klaar), maar veel duurzame legitimiteit geniet ze zelden. Het omgekeerde, een land dat over elke maatregel eindeloos palavert met alle inwoners, verhoogt vast het draagvlak, maar zeker niet de slagkracht. 

Democratie is de minst slechte van alle regeringsvormen, juist omdat het aan beide criteria tegemoet probeert te komen. Elke democratie streeft naar een gezond evenwicht tussen legitimiteit en efficiëntie. Soms is er kritiek op het een, soms op het ander. Het systeem houdt zich dan overeind zoals een schipper op het dek: door het gewicht van het ene op het andere been te verplaatsen, al naargelang de deining. 

Maar vandaag kampen westerse democratieën met een legitimiteitscrisis én met een efficiëntiecrisis. Dat is uitzonderlijk. Dat is geen deining meer, dat wijst op storm. 

Kijkend naar het niveau van de nationale overheid in diverse Europese landen constateert hij dat de crisis van de legitimiteit uit drie symptomen blijkt. Ten eerste gaan steeds minder mensen stemmen. In de afgelopen jaren nam minder dan 77 procent van Europa deel aan verkiezingen tegen meer dan 85 procent in de jaren zestig. In absolute aantallen gaat het om miljoenen Europeanen die niet langer naar de stembus wensen te gaan. Weldra betreft het een kwart van de stemgerechtigden. 

Electoraal absenteïsme is de belangrijkste politieke stroming in het Westen aan het worden, maar daar gaat het nooit over. Zijn stelling is dat de democratie een ernstig legitimiteitsprobleem heeft als burgers niet langer wensen deel te nemen aan haar belangrijkste procedure, de stembusgang. Is het parlement dan nog wel representatief? Moet er dan niet een kwart van de zetels vier jaar leeg blijven, zo vraagt hij zich af.

Ten tweede, naast kiezersverzuim is er kiezersverloop. Stemgerechtigden in Europa stemmen niet alleen minder, maar ook grilliger. Zij die nog wel gaan stemmen erkennen misschien nog wel de legitimiteit van de procedure, maar zijn steeds minder trouw aan één en dezelfde partij. De organisaties die hen mogen vertegenwoordigen genieten slechts de zeer voorlopige steun van het kiezerskorps. Scores van meer dan tien, twintig of zelfs dertig procent kiezersverloop komen voor. De zwevende kiezer heerst. Politieke aardverschuivingen worden steeds gewoner.

Ten derde zijn steeds minder mensen lid van een politieke partij. In de Europese lidstaten is dat nu nog slechts 4,65 procent van de kiesgerechtigden. Het gaat om een gemiddelde. In Nederland is dat slechts 2,5 procent (tegenover 4,3 procent in 1980), en de gestage neergang is overal onmiskenbaar. 

Van Reybrouck stelt zich een aantal vragen:

Wat betekent het voor de legitimiteit van het democratische bestel als steeds minder mensen aansluiting zoeken bij de belangrijkste spelers binnen dat bestel? 

 Hoe erg is het dat politieke partijen de meest gewantrouwde instellingen zijn van Europa? 

 En hoe komt het dat diezelfde politieke partijen daar zo zelden wakker van liggen?

 

 

In de (vaak uitstekende) lezersreacties wordt hier en daar stevig gerelativeerd en worden suggesties gedaan. Zoals dat verkiezingen misschien niet moeten gaan over kiezen voor oplossingen maar over het bepalen van wat we de problemen vinden, en over wat we belangrijk vinden. Een ander constateert dat de maatschappelijke betrokkenheid sterk is vermindert. We zijn met z'n allen individualistischer en egoïstischer geworden. Met z'n allen voor je eigen, riepen Koot en Bie van de Tegenpartij al.

Weer een ander wijst er op dat de hoge opkomst en partijtrouw van vijftig jaar geleden gebaseerd was op de sociale gemeenschap waar je deel van uitmaakte. Het was niet dat mensen mee dachten over beleid, het was meer dat je liet weten deel uit te maken van het katholieke, socialistische of liberale volksdeel. Het waren de notabelen die een balans moesten maken tussen wat politiek speelde en het belang van hun achterban.

In onze individualistische en rationalistische ijver hebben we die lokale gemeenschappen ontbonden of veel losser gemaakt. We verwachten van mensen dat ze zelf denken. Terwijl de problematiek complexer is geworden. Maar de aanspraak die je zo maakt op de denkcapaciteit van mensen is te groot. Echt, het past niet in een simpele mensenschedel, aldus deze lezer.

Dan is er een lezer die opmerkt dat je zonder beginselen je energie verspilt, en dan terecht het verwijt krijgt dat je geen prioriteiten weet te stellen; je loopt het risico in details te verzanden. Een terugkeer naar beginselprogramma’s, herkenbare partijen in plaats van herkenbare politici, zou helpen. Beginselen moeten niet de antwoorden geven maar moeten ons de juiste vragen laten stellen.

Ten slotte wordt de opvatting dat de democratie een ernstig legitimiteitprobleem heeft als burgers niet langer wensen deel te nemen aan de stembusgang, ook stevig gerelativeerd.  Deze lezer betoogt dat de democratie juist haar kracht toont door te kunnen bestaan in landen waar burgers de keuze hebben om wel of niet aan haar belangrijkste procedure deel te nemen. Het parlement is dan nog wel representatief: immers het parlement is gekozen door diegenen die zich konden vinden in de beschikbare verkiezingsprogramma's. Wie zich daar niet mee kon vereenzelvigen, heeft niet gestemd. Het staat hen vrij om zelf een politieke partij op te richten, maar ook om zich afzijdig te houden. "Moet er dan niet een kwart van de zetels vier jaar leeg blijven?" Nee, dus.

Hij vindt het ook geen enkel probleem dat de zwevende kiezer heerst. Integendeel, het getuigt van een gezond kritisch vermogen van de stemmer, die zich niet zomaar achter een partij schaart maar zich eerst goed oriënteert in het aanbod alvorens hij zijn stem uitbrengt. Bovendien zorgt deze ontwikkeling ervoor dat politici meer dan ooit voor iedere stem moeten strijden. Louis van Gaal (naar verluidt ook een groot politicoloog) zou zeggen dat niemand verzekerd is van een basisplaats. Dat houdt alle partijen scherp

Tot zover deze discussie.

Mijn indruk van dit alles is dat zeker de formele kant van het democratisch proces aan erosie onderhevig is, maar dat er toch ook positieve aspecten zijn te ontdekken, en dat er nog veel kansen liggen voor een gezond democratisch proces.

Maar nu terug naar ons Odd Fellows. Ik laat onze individuele rol in het democratisch proces maar even voor wat het is; daarin heeft ieder van ons zijn eigen zeer persoonlijke verantwoordelijkheid. Ik wil het vizier even zetten op de plaats van onze Orde in dit geheel, en wat er wellicht aan mogelijkheden en kansen voor ons ligt.

Ik zie daar raakvlakken tussen het verhaal van broeder Schȗtz en aspecten die in de discussie over het democratisch proces voorbij komen: steeds minder kiezers die lid zijn van een politieke partij, steeds meer kiezers die een grillig stemgedrag vertonen of helemaal niet meer stemmen. Kortom: steeds individualistischer.

En dan voel ik me geïnspireerd door het verhaal van broeder Schȗtz, die aangeeft dat:

wij Odd Fellows mensen iets waardevols te bieden hebben, iets dat houvast en ondersteuning geeft. 

En dat binnen onze loges wel degelijk waardevolle sociale relaties, geborgenheid, betrouwbaarheid en compassie ervaren kunnen worden. 

Ook onze Grootmeester benadrukte in de laatste proclamatie dat de eenzaamheid steeds meer toe slaat toe in onze individualiserende maatschappij

Al deze overwegingen verdienen aandacht in ons voortdurende proces van nadenken en zoeken naar een goede manier van ledenwerving. Maar er is ook een valkuil: tijdens gedachtewisselingen over ledenwerving wordt regelmatig de noodzaak van modernisering genoemd, van meegaan met onze tijd. En het is goed om met een kritische blik te kijken naar onze communicatie naar de samenleving, en ons te verplaatsen in de beleving van buitenstaanders als het gaat om laat ik het maar oneerbiedig noemen “de verpakking van onze boodschap”. Maar moeten we daaraan voorafgaande niet eerst met ons allen vaststellen welke voor ons de waardevolle aspecten van het Odd Fellowship zijn die we niet moeten verliezen? Ik noem maar wat voorbeelden: 

de respectvolle manier waarop wij in de zitting met elkaar omgaan; 

ritualen die ons gedachtegoed verwoorden en die een vertrouwd klimaat bieden om onszelf in zittingen kwetsbaar op te kunnen stellen;

het feit dat we deel uitmaken van een wereldwijde broederschap en binnen die kaders onze rol in de samenleving willen invullen.

Daarna kunnen we - met inachtneming van onze conclusies - stappen maken in processen van vernieuwing en ledenwerving. En het zou goed zijn als ons Algemeen Bestuur een voortrekkersrol zou nemen in deze discussie

Immers: onze kernkwaliteit is dat wij mensen houvast kunnen bieden.

Spreuk

Er is een mooi Fries gezegde, dat voor mij de kern van Odd Fellowship verwoordt:

As de ien om de oar tinkt, wurdt er net ien wei.

 

 

icon

Odd Fellows Heerenveen |  Herenwal 10 | 8441 AZ HEERENVEEN | Friesland

(c) 2019 Odd Fellows Heerenveen, realisatie website: Noordoost.nl